
REGIO - Verschillende Nederlandse benzinepomphouders in de Duitse grensstreek eisen 100.000 euro ter compensatie voor de misgelopen inkomsten. Door de hogere accijnzen op onder meer brandstof en tabak, zien ze hun klanten steeds vaker de grens over gaan. De ondernemers stellen de Nederlandse overheid aansprakelijk voor deze financiële aderlating.
De accijns op brandstof is ongeveer 75 cent voor een liter Euro 95, 45 cent voor een liter diesel en zo'n 10 cent voor een liter LPG. Voor tabak is de extra belasting ongeveer 50%, en voor sigaretten zelfs 57%. Het is niet de eerste keer dat pomphouders compensatie vragen. In 1997 kregen al zo'n 600 bedrijven langs de grens een compensatie van 220.000 gulden voor het mislopen van omzet door hoge belastingen. Zonder inflatie is dat omgerekend ongeveer 100.000 euro: het bedrag dat nu wordt gevraagd.
“Kost juist geld”
Opvallend zijn de berekeningen van auto-organisatie Bovag. Hieruit zou blijken dat de extra belastingen de Nederlandse staat geen geld opleveren, maar juist kósten. Door de consumenten die in het buitenland hun portie benzine gaan ophalen - en dat worden er steeds meer - loopt de schatkist jaarlijks zo'n 1,2 miljard euro mis.
Klik HIER wanneer u zich wilt aanmelden voor de
nieuwsbrief.